Ledenvergadering gehouden op zaterdag 11 oktober 1975 in "de radeholm" te Groningen


Om ruim drie uur opent de voorzitter mevrouw Veendorp de vergadering. Ze heet de dertig aanwezige leden met hun geleiders van harte welkom en hoopt dat men aktief deel zal nemen in de activiteiten van de bond in het voor ons liggende seizoen. Van het bestuur is de heer Wieringa niet aanwezig, die moest een vergadering van de blinden esperantisten vereniging "nosobe" bijwonen.
De voorzitter vertelt dat er in de laatste maanden vijf van onze leden zijn overleden, het zijn; de heer Israëls, de heer Bastiaans, mevrouw Sirks-Joustra, mevrouw Steenhuis en de heer Doddema. Wij houden een minuut stilte om hen te herdenken.
Maar het leven gaat verder en wij hebben ook een aantal nieuwe leden waarvan één op de vergadering aanwezig is, het is mevrouw Pompstra. De voorzitter zegt te hopen dat zij zich gauw thuis zal voelen in ons midden.

De notulen van de vorige vergadering worden na lezing goedgekeurd.
Naar aanleiding hiervan vertelt de voorzitter dat het voorstel de contributie te verhogen is aangenomen. De andere blindenbonden zullen dit ook doen zodat dat alvast gelijk is als we straks één bond worden.
Over het verzoek aan de bibliotheek om één avond in de week open te zijn, is ons medegedeeld dat dit moeilijk uitvoerbaar is en er waarschijnlijk maar een enkeling gebruik van zal maken. Zij die de tv-loep eens willen proberen kunnen het beste een afspraak maken met iemand van de bibliotheek.
De voorzitter vertelt dat men met een verklaring van prof. Sweitzer, of de oogkliniek in Rotterdam, dat men de tv-loep kan gebruiken, een groot deel van de kosten terug kan krijgen van de ziekenfondsraad.
Bij de mededelingen zegt de voorzitter dat de heer van Asten, die vanuit het hoofdbestuur altijd onze ledenvergaderingen bijwoont, bericht geeft dat hij wegens familieomstandigheden deze keer niet kon komen.

Ingekomen stukken: er is een uitnodiging van friesland om hun 20jarig bestaan bij te wonen. De heren P. K. Bijleveld en D. Uilenberg zullen onze afdeling daar vertegenwoordigen.
Dan is er een brief van het h.b. Dit betreft de bondsraadvergadering op 18 december 1975. Wij hebben geen suggesties om op die vergadering door te praten. Mevrouw H. A. Rijploeg zal onze afdeling vertegenwoordigen. En mevrouw T. C. L. veendorp zal haar vergezellen.
Verder is er een fotocopy van de brief die de blindenbibliotheek "le Sage ten Broek" aan de Nederlandse Blindenbond heeft gezonden. Hierin delen zij mede dat zij hebben besloten niet langer hun medewerking te geven aan het uitgeven van een gesproken dagblad, een uitgave van de n.v. de Lage Landen. Hoewel zij er steeds op toe hebben gezien dat voor deze uitgave niet de subsidiegelden werden gebruikt, heeft het ministerie van c.r.m. hen toch laten weten dat zij niet hun medewerking mogen geven aan aktiviteiten die niet door het ministerie zijn goedgekeurd. Als tweede argument voert het ministerie aan dat de blindenorganisaties niet bij het overleg betrokken zijn geweest. Een open gesprek zal alsnog op gang kunnen komen volgens "le Sage ten broek". Er is een bijgaand schrijven van het h.b. gericht aan alle afdelingen van de Nederlandse Blindenbond. Hierin staat dat het ministerie van c.r.m. niet afwijzend staat tegen het uitgeven van een gesproken dagblad. Als na onderzoek mocht blijken dat hiervoor een grote belangstelling is, zal het ministerie zijn medewerking geven. Zo’n blad moet dan wel pluriform van opstelling zijn. Wij zijn het niet helemaal eens met de gang van zaken rond het dagblad. Wij hadden liever gezien dat het dagblad er kwam al is het ook gegaan onder het mom van "voor blinden" terwijl men misschien op een heel andere groep gesproken lectuurlezers had gemikt. Wij hadden het toch ook kunnen lezen en gebleken zou zijn of een dagblad wel of niet realiseerbaar is.

Nieuwsband van het noorden: hierover komt het verzoek om ook eens gemeenteraadsverslagen op te nemen. De heer rusthoven zegt dat deze vaak erg lang zijn en niet interessant voor mensen die niet in de betreffende gemeente wonen. Hier wordt echter al wel aandacht aan geschonken.

Vijftigjarig bestaan van onze afdeling: er is één suggestie binnengekomen hoe wij dit het volgend jaar kunnen vieren. Dit voorstel, afkomstig van de heer Breemhaar, lijkt allen goed. Er zal een commissie komen voor de verdere organisatie van die dag het volgend najaar.

Verder vertelt de voorzitter dat het in de c.c.n.n. erg moeilijk gaat. Om gezamenlijk het huisbezoek en het vrijwilligersbezoek op touw te zetten wil men vanuit de christelijke blindenbond afdeling Groningen Friesland en Drente niet meewerken. Zij willen ieder hun eigen leden bezoeken. Als dit samen in de c.c.n.n. niet lukt zal afdeling Drente van de Nederlandse blindenbond geen deel langer willen uitmaken van de c.c.n.n. Wij vinden echter dat wij ons niet moeten terugtrekken, vooral nu we zo dicht voor een samengaan staan. De vergadering is met het bestuur van mening dat we nog maar zo goed als dat kan moeten blijven samenwerken.

Dan worden de aanwezigen nog attent gemaakt op onze activiteiten die we voor de komende winter hadden voorgesteld. Er blijkt belangstelling te zijn voor een danscursus. Het zal verder worden uitgezocht of dit mogelijk is.
Om bijna half zes sluit de voorzitter de vergadering en wenst allen een goede thuisreis.

(Overgeschreven door Klarinne Labooy-Koole.)



terug naar de beginpagina van Afdeling Groningen