Illegaal werk door blinden in de Tweede Wereldoorlog


Uit:
Anders Bekeken, Verenigingsorgaan van de Nederlandse Vereniging van Blinden en Slechtzienden,
jaargang 18, aflevering 3, mei 1995.


In Anders Bekeken hebben we in 1993 aandacht besteed aan een verzetsblad in braille, dat in de Tweede Wereldoorlog is verschenen. Intussen heeft de heer André de Rijck, (Verzamelaar illegale pers 40-45 en lid van de documentatiegroep 40-45) uitgezocht hoe en door wie dit blad werd samengesteld. In dit herdenkingsjaar willen wij u zijn interessante verhaal niet onthouden.

Mijn Schild ende Betrouwen


door André de Rijck

'Vrede' overal in Ned' juicht en jubelt men. Vlaggen wapperen en ieder versiert zichzelf en zijn huis. Serpentines, bloemen en confetti bedekken straten reeds. De radiodistr' speelt reeds vaderl' liederen. Om 5 uur stonden de Eng' voor Driebergen. Enige ordonnansen reden reeds door Utrecht en werden omhelsd en omringd door duizenden. Leve Oranje'.

Deze tekst komt van de laatste bladzijde van een in brailleschrift vervaardigd illegaal blad bestemd voor blinden en slechtziende getiteld 'Mijn Schild ende Betrouwen, Oranje-nieuws voor en door blinden van Nederland'. Deze exemplaren bevinden zich in het Rijksinstituut voor Oorlogsdocumentatie te Amsterdam. Dit verzetsblad is om verscheidene redenen uniek te noemen. Niet alleen is in andere literatuur ter wereld nooit iets te lezen over een in brailleschrift gemaakt illegaal blad, maar het is ook, zover ik weet, het enige verzetsblad dat een wervingspamflet gemaakt heeft om je als lezer hiervoor op te geven. Hierdoor werd een overzicht verkregen van de hoeveelheid exemplaren die vervaardigd moesten worden.

Door de Utrechtse familie Van der Burg werd al veel verzetswerk verricht. Zo ook door Pieter Jacob van der Burg, of 'Pieter van het Kerkhof' zoals velen hem noemden, omdat zijn ouderlijk huis gevestigd was op Oudkerkhof 32. Zijn ouders hadden daar de bontwinkel 'Maison Van der Burg' met een atelier aan Achter Sint Pieter. Deze lokatie leende zich, door zijn vele kamers, deuren en uitgangen uitstekend voor ondergrondse werkzaamheden. Zo hadden er onderduikers een plaatsje gevonden, maar ook de radio werd er afgeluisterd en de berichten getypt. Zowel hier als in het ouderlijk huis werden de braille blaadjes gemaakt. Als student farmacie werkte P.J. van der Burg ook wel eens in het Militair Hospitaal te Utrecht. In het hospitaal werkte, ook als vrijwilligster, het blinde meisje Lida Hoeijenbos. Zij had zich opgegeven om voor de Nederlandse oorlogsgewonden ontspanningsprogramma's te verzorgen, nadat er in het Utrechtsch Dagblad een oproep hiervoor verschenen was. Aan een soldaat uit Malden, die bij de Grebbelinie zijn beide ogen verloren had, gaf ze braille les. Door de oorlogsinvaliden werden rood-witte of oranje boekenleggers gemaakt met een grote W of OZO erop. Ook de familie Van der Burg verkocht deze boekenleggers om het ondergrondse werk te steunen.
Waarschijnlijk is hier het contact ontstaan tussen Alie Hoeijenbos en Pieter Jacob van der Burg dat later heeft geresulteerd in de vorming van een verzetsblad voor blinden.

Moeizame arbeid


Vanaf november 1943 verscheen het blad tweemaal per week. Op woensdag en zaterdag werden er overzichten van de afgelopen dagen uitgebracht, en het blad had een sterk oranjegezinde grondslag. Uit de tekst, van een exemplaar dat ik nog heb kunnen achterhalen, blijkt dat men ook zeer goed van het wereldnieuws op de hoogte was. Zo werd bijv. radio New York ontvangen. De berichten werden uitgetypt en door een koerier of koerierster naar Lida Hoeijenbos gebracht. Eén van de koeriersters is ook de zus van Pieter Jacob, Elisabeth Louise van der Burg, geweest: Lies dicteerde de tekst aan Lida Hoeijenbos die met een zgn. reglette het brailleblad maakte. Een reglette is een raamwerk, waarop met een pen steeds punten in spiegelbeeld in het papier gedrukt moet worden. Letter voor letter, regel voor regel. Niet alleen is braille papier dikker dan normaal papier, vergelijkbaar is het met een stevige achterkant van een schrift, maar ook bestaan de letters of lettergroepen uit een combinatie van 6 punten. Steeds moesten deze punten in het dikke papier gedrukt worden. Als uit de gegevens van het MOD blijkt dat er van elk blad 5, en soms zelfs 20 exemplaren werden gemaakt, dan wordt duidelijk wat een ontzaglijke hoeveelheid werk het maken ervan is geweest.
In haar levensverhaal, dat mevr. Hoeijenbos op latere leeftijd gemaakt heeft, schrijft ze dat ze er tot laat in de avond en een deel van de nacht aan bezig was. De volgende dag werden ze dan opgehaald en verspreid onder de blinden in de omgeving van Utrecht.

Verschillend papier


Daar het verkrijgen van braille-papier een lastige en kostbare zaak was, heeft men, via het eerder genoemde pamflet, een oproep gedaan om papier beschikbaar te stellen. Alles kon worden gebruikt. Hierdoor is het formaat van het blad nogal verschillend uitgevallen. Soms bestond één exemplaar uit 4 donkergroene vellen dun karton van ca. 20 x 25 cm, een ander weekoverzicht kwam uit op 2 witte vellen dik pakpapier van 40 x 20 cm.
De verspreiding leverde minder risico op aangezien de vellen gevouwen en dichtgeplakt waren als braille-post voorzien van een gefingeerd adres met postzegel. Bij aanhouding kon men dan altijd zeggen dat het om een braille-brief ging of om een legaal blaadje van de blindenbibliotheek.
Bij de huiszoekingen die er bij de familie Van der Burg zijn geweest is er nooit iets gevonden. Ze hadden een gevaarlijke hond die eerst moest worden weggehaald en opgesloten, zodat er altijd tijd was voor iemand om de spullen goed te verstoppen.

Weinig bewaard


Een mogelijke oorzaak waarom er bijna geen exemplaren van dit blaadje zijn overgebleven is, dat er sterk de nadruk op werd gelegd om het blad te vernietigen na het lezen. De lezer werd verzocht het zelfs niet tegen huisgenoten te vertellen dat men een illegaal braille-blad las. Onder het motto: Ge hoort niets, weet niets en zegt niets, wachtten ze op het volgende nummer. Dat het blad graag gelezen werd, concludeer ik uit het feit dat men het zeer betreurde dat Lida Hoeijenbos erg ziek werd in maart 1945 en er enkele weken geen blad kon worden gemaakt door haar.

Na de oorlog is de heer P.J. van der Burg medicijnen gaan studeren en is een bekend neuroloog geworden. In 1979 is hij overleden.
Mevr. L. Hoeijenbos was een begaafd pianiste en werd veel gevraagd om voor anderen op te treden. Zij is in 1993 overleden. Mevrouw E.L. Achilles van der Burg leeft nog in goede gezondheid in Californië.

Meer illegaal werk


Tijdens mijn navraag naar het blad kwam ik in contact met de heer A. van der Velde uit Ermelo. Als blinde gaf de heer Van der Velde tijdens de oorlog ook een illegaal blad uit met de titel "Het Vrije Woord". Onder in de verwarmingsruimte van het blindeninstituut Sonneheerdt luisterde hij, samen met de zoon van de tuinman, de radio af. Hij typte de tekst uit op stencil. Tijdens de studieles op het Instituut K.I.M te Ermelo stencilde de directie hiervan een paar honderd exemplaren. Op de terugweg naar Sonneheerdt, met zijn geleidehond, gaf hij op bepaalde adressen enkele exemplaren af. Elk daarvan distribueerde Het Vrije Woord dan verder.



naar de beginpagina van documenten
naar de beginpagina van de collectie
naar leer- en hulpmiddelen
naar interviews
naar de beginpagina van de website